Tentoonstelling
Magnum Photos

Magnum Photos werd in 1947 opgericht door Henri Cartier-Bresson, Robert
Capa, George Rodger en David Seymour - 4 fotografen die overtuigd waren
van de macht van het fotografische medium om de gebeurtenissen in de
wereld weer te geven en een bewustwording teweeg te brengen.
Met de oprichting van Magnum kenden ze zichzelf een totale onafhankelijkheid toe, een onontbeerlijk gevolg van hun engagement. De keuze van de reportages, hun duur, de selectie van de foto’s, de eigendom van de negatieven, de beheersing van het copyright en de controle over de verspreiding: alle kenmerken van het auteursstatuut horen erbij.
Andere fotografen die door deze energie worden bekoord en dezelfde ethiek delen, vervoegen het groepje en geven zo leven aan een van de meest originele en prestigieuze collectieven van creatoren.
Aanwezig op alle fronten en op alle continenten, werpen ze hun blik op de betekenisvolle evenementen van onze tijd, gaande van conflicten tot revoluties, maar met aandacht voor het dagelijkse leven en persoonlijkheden uit de kunstwereld. Zodoende produceerden ze iconen - ruimschoots verspreid in de internationale pers – die deel uitmaken van ons gemeenschappelijk geheugen.
Ze zijn zowel getuigen als kunstenaars, en ze eisen deze dubbele identiteit op, om zo boven de scheidingen en codes van de wereld van de hedendaagse pers en kunst te staan.
« Het beslissende moment » van Henri Cartier-Bresson, de « zwakke tijden » van Raymond Depardon, de « documentaire archeologie » van Gilles Peress, de « interne landschappen » van Lise Sarfati, de « geconstrueerde gedichten » van Josef Koudelka en de « consumentenclichés » van Martin Parr zijnhet bewijs dat Magnum-fotografen zowel getuigen als kunstenaars zijn. Hun unieke visies worden eveneens duidelijk in hun boeken en tentoonstellingen, die op hun beurt een inspiratiebron zijn voor de jonge fotografen.
Vandaag telt Magnum Photos 60 fotografen, allen evenwaardig lid van het agentschap, elk de meester van hun individueel en gemeenschappelijk lot.
Met de oprichting van Magnum kenden ze zichzelf een totale onafhankelijkheid toe, een onontbeerlijk gevolg van hun engagement. De keuze van de reportages, hun duur, de selectie van de foto’s, de eigendom van de negatieven, de beheersing van het copyright en de controle over de verspreiding: alle kenmerken van het auteursstatuut horen erbij.
Andere fotografen die door deze energie worden bekoord en dezelfde ethiek delen, vervoegen het groepje en geven zo leven aan een van de meest originele en prestigieuze collectieven van creatoren.
Aanwezig op alle fronten en op alle continenten, werpen ze hun blik op de betekenisvolle evenementen van onze tijd, gaande van conflicten tot revoluties, maar met aandacht voor het dagelijkse leven en persoonlijkheden uit de kunstwereld. Zodoende produceerden ze iconen - ruimschoots verspreid in de internationale pers – die deel uitmaken van ons gemeenschappelijk geheugen.
Ze zijn zowel getuigen als kunstenaars, en ze eisen deze dubbele identiteit op, om zo boven de scheidingen en codes van de wereld van de hedendaagse pers en kunst te staan.
« Het beslissende moment » van Henri Cartier-Bresson, de « zwakke tijden » van Raymond Depardon, de « documentaire archeologie » van Gilles Peress, de « interne landschappen » van Lise Sarfati, de « geconstrueerde gedichten » van Josef Koudelka en de « consumentenclichés » van Martin Parr zijnhet bewijs dat Magnum-fotografen zowel getuigen als kunstenaars zijn. Hun unieke visies worden eveneens duidelijk in hun boeken en tentoonstellingen, die op hun beurt een inspiratiebron zijn voor de jonge fotografen.
Vandaag telt Magnum Photos 60 fotografen, allen evenwaardig lid van het agentschap, elk de meester van hun individueel en gemeenschappelijk lot.

